Gebruik van de euro

De euro is op 1 januari 1999 ingevoerd en werd toen de valuta van ruim 300 miljoen Europeanen. De eerste drie jaar was de euro een onzichtbare valuta, die enkel werd gebruikt als rekenmunt, bijvoorbeeld bij elektronische betalingen. Pas op 1 januari 2002 werd het zogenoemde chartale geld in omloop gebracht, ofwel de eurobankbiljetten en euromunten. Die vervingen de bankbiljetten en munten van de nationale valuta, zoals de Belgische frank en de Duitse mark, tegen vaste omrekeningskoersen.

Op dit moment zijn de eurobankbiljetten en -munten wettig betaalmiddel in 19 van de 27 lidstaten van de Europese Unie, met inbegrip van de overzeese departementen, gebieden en eilanden die deel uitmaken van of geassocieerd zijn met landen van het eurogebied. Deze landen vormen samen het eurogebied. De ministaten Andorra, Monaco, San Marino en Vaticaanstad gebruiken ook de euro, op basis van een formele overeenkomst met de Europese Gemeenschap. Montenegro en Kosovo gebruiken eveneens de euro, maar zonder formele overeenkomst. 340 miljoen mensen verrichten nu hun contante betalingen in dezelfde munt: de eurobankbiljetten en -munten zijn een tastbaar symbool van de Europese integratie geworden.

Van alle EU-lidstaten behalve Denemarken (dat officieel is overeengekomen dat het niet op de euro zal overgaan) wordt verwacht dat ze toetreden tot de monetaire unie en de euro invoeren zodra ze aan de convergentiecriteria voldoen.

Interactieve kaart van het eurogebied

Op deze interactieve kaart is te zien welke EU-landen tot het eurogebied behoren en wanneer ze de euro hebben ingevoerd.

Oostenrijk

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1995

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

België

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Bulgarije

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2007

Cyprus

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2008

Tsjechië

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Duitsland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Denemarken

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 1973

Estland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2011

Spanje

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1986

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Finland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1995

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Frankrijk

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Griekenland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1981

Euro sinds 2001 (chartale euro sinds 2002)

Kroatië

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2013

Hongarije

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Ierland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1973

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Italië

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Litouwen

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2015

Luxemburg

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Letland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2014

Monaco

Land buiten de EU

Malta

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2008

Nederland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Polen

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Portugal

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1986

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Roemenië

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2007

Zweden

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 1995

Slovenië

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2007

Slowakije

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2009

San Marino

Land buiten de EU

Lidstaten van de Europese Unie en het eurogebied

Lidstaten van de Europese Unie die de euro gebruiken

Land Lid geworden van de EU in Euro ingevoerd in
Oostenrijk 1995 1999 (chartale euro sinds 2002)
België 1957 1999 (chartale euro sinds 2002)
Cyprus 2004 2008
Estland 2004 2011
Finland 1995 1999 (chartale euro sinds 2002)
Frankrijk 1957 1999 (chartale euro sinds 2002)
Duitsland 1957 1999 (chartale euro sinds 2002)
Griekenland 1981 2001 (chartale euro sinds 2002)
Ierland 1973 1999 (chartale euro sinds 2002)
Italië 1957 1999 (chartale euro sinds 2002)
Letland 2004 2014
Litouwen 2004 2015
Luxemburg 1957 1999 (chartale euro sinds 2002)
Malta 2004 2008
Nederland 1957 1999 (chartale euro sinds 2002)
Portugal 1986 1999 (chartale euro sinds 2002)
Slowakije 2004 2009
Slovenië 2004 2007
Spanje 1986 1999 (chartale euro sinds 2002)

Lidstaten van de Europese Unie die de euro niet gebruiken

Land Lid geworden van de EU in
Bulgarije 2007
Kroatië 2013
Tsjechië 2004
Denemarken 1973
Hongarije 2004
Polen 2004
Roemenië 2007
Zweden 1995

Het Verenigd Koninkrijk dat van 1973 tot 2020 lid was van de Europese Unie, gebruikte de euro niet.

Vaste omrekeningskoersen ten opzichte van de euro
Munt
1 BEF 40,3399 (Belgische frank)
1 DEM 1,95583 (Duitse Mark)
1 EEK 15,6466 (Estlandse kroon)
1 IEP 0,787564 (Ierse pond)
1 GRD 340,750 (Griekse drachme)
1 ESP 166,386 (Spaanse peseta)
1 CYP 0,585274 (Cypriotisch pond)
1 FRF 6,55957 (Franse frank)
1 ITL 1936,27 (Italiaanse lire)
1 LVL 0,702804 (Letse lats)
1 LTL 3,45280 (Litouwse litas)
1 LUF 40,3399 (Luxemburgse frank)
1 MTL 0,429300 (Maltese lira)
1 NLG 2,20371 (Nederlandse gulden)
1 ATS 13,7603 (Oostenrijkse schilling)
1 PTE 200,482 (Portugese escudo)
1 SIT 239,640 (Sloveense tolar)
1 SKK 30,1260 (Slowaakse koruna)
1 FIM 5,94573 (Finse markka)

Geldstromen in het eurogebied

Eurobankbiljetten (en euromunten) circuleren in het hele eurogebied, hoofdzakelijk als gevolg van toerisme, zakenreizen en grensoverschrijdende inkopen. Vóór de invoering van de euro gingen nationale bankbiljetten ook wel de grens over, maar op veel beperktere schaal. Ze moesten dan worden 'gerepatrieerd' en teruggegeven aan de uitgevende centrale bank, meestal via de commerciële banken. Sinds de invoering van de euro is dat niet meer nodig. Maar omdat eurobankbiljetten in grote aantallen de grens over gaan en in andere eurolanden worden gebruikt, moeten de centrale banken ze opnieuw distribueren om te voorkomen dat er in het ene land tekorten en in het andere overschotten ontstaan. Het vervoer van deze grote hoeveelheden bankbiljetten wordt door de ECB gecoördineerd en gefinancierd.

De unieke kenmerken en het belang van contant geld

Sinds de invoering van de euro in 2002 is het aantal en de totale waarde van de eurobankbiljetten in omloop geleidelijk gestegen. Contant geld is verreweg het meest gebruikte betaalmiddel bij kleine transacties in het eurogebied wat het aantal transacties betreft; in termen van waarde heeft het een veel kleiner aandeel. Maar zowel het aantal als de waarde van contante transacties neemt de laatste tientallen jaren gestaag af, terwijl het gebruik van debetkaarten en creditcards toeneemt. Deze ontwikkeling zal naar verwachting doorzetten.

Als betaalmiddel heeft contant geld enkele unieke kenmerken:

  • het is het meest gebruikte en snelste betaalmiddel bij retailtransacties en het belangrijkste bij onvoorziene uitgaven;
  • het wordt gezien als het voordeligste betaalmiddel voor kleine retailbetalingen: de gemiddelde totale kosten per transactie zijn bij contant geld lager dan bij vergelijkbare elektronische betaalmiddelen;
  • ook mensen die geen of slechts beperkte toegang tot een bankrekening hebben en mensen die geen gebruik kunnen maken van elektronische betalingsvormen kunnen ermee betalen;
  • het stelt de consument in staat zijn bestedingen beter in de gaten te houden;
  • het is zowel een betaalmiddel als een manier van waardeopslag, en
  • het heeft, wat betreft bescherming tegen fraude of vervalsing, bewezen veilig te zijn.

Gezien deze kenmerken kan de maatschappij nog niet zonder contant geld. Contant geld zal nog vele jaren een onvervangbaar betaalmiddel vormen.

De houding van het Eurosysteem tegenover contant geld als betaalmiddel

Een van de voornaamste taken van het Eurosysteem volgens het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is om de vlotte werking van het betalingsverkeer te bevorderen. Het Eurosysteem staat neutraal tegenover de verschillende betaalmiddelen. Het heeft geen voorkeur voor een bepaald betaalmiddel. De centrale banken van het Eurosysteem hebben echter een speciale verantwoordelijkheid voor contant geld, aangezien ze de officiële uitgevende instellingen van eurobankbiljetten zijn. Daarnaast brengen de meeste centrale banken de euromunten in omloop, die door de lidstaten worden uitgegeven. Daarom hecht het Eurosysteem grote waarde aan het steunen van contant geld als algemeen verkrijgbaar, gebruiksvriendelijk, betrouwbaar en efficiënt betaalmiddel voor kleine transacties. Binnen de grenzen van zijn bevoegdheid controleert het Eurosysteem de veiligheid, weerbaarheid en efficiëntie van de chartale keten binnen het eurogebied en probeert die te bevorderen.