Bankbiljetten

Er zijn twee series bankbiljetten. De eerste serie bestaat uit zeven coupures: €5, €10, €20, €50, €100, €200 en €500. De tweede serie, de Europa-serie, bestaat uit zes coupures en is met de uitgifte van de biljetten van €100 en €200 in 2019 compleet. Er komt geen bankbiljet van €500. De eerste serie, waarvan de eerste biljetten in 2002 zijn uitgegeven, wordt geleidelijk vervangen door de Europa-serie. Alle eurobiljetten zijn wettig betaalmiddel in het gehele eurogebied.

De belangrijkste data
17 september 2018
Onthulling van de nieuwe biljetten van €100 en €200
4 april 2017

De invoering van het nieuwe €50-biljet

5 juli 2016

Onthulling van het €50-biljet van de Europa-serie

25 november 2015
De invoering van het nieuwe €20-biljet
24 februari 2015
Onthulling van het €20-biljet van de Europa-serie
1 januari 2015
Litouwen voert de euro in
23 september 2014
De invoering van het nieuwe €10-biljet
13 januari 2014
Onthulling van het €10-biljet van de Europa-serie
1 januari 2014
Letland voert de euro in
2 mei 2013
De invoering van het nieuwe €5-biljet
10 januari 2013
Onthulling van het €5-biljet van de Europa-serie
8 november 2012
De ECB maakt bekend een tweede reeks bankbiljetten te zullen invoeren, de Europa-serie
1 januari 2011
Estland voert de euro in
1 januari 2009
Slowakije voert de euro in
1 januari 2008
Cyprus en Malta voeren de euro in
1 januari 2007
Slovenië voert de euro in
1 januari 2002
In twaalf EU-landen wordt de chartale euro (bankbiljetten en munten) ingevoerd: België, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal en Spanje.