De Europa-serie eurobankbiljetten

De bankbiljetten van de Europa-serie zijn stapsgewijs over meerdere jaren in omloop gebracht. De eerste vier bankbiljetten van de serie, te weten de €5-, €10-, €20- en €50-biljetten, kwamen in respectievelijk 2013, 2014, 2015 en 2017 in omloop. De €100- en €200-biljetten zijn sinds 28 mei 2019 in omloop en vormen het sluitstuk van de Europa-serie.

De ECB heeft besloten geen €500-biljetten meer te produceren; de €500-biljetten uit de eerste serie blijven echter wettig betaalmiddel.

Europa

De tweede serie bankbiljetten heet de Europa-serie, omdat in twee echtheidskenmerken een portret van Europa is verwerkt. Bij de nieuwe eurobankbiljetten is voor deze figuur uit de Griekse mythologie gekozen, omdat ze een duidelijke band heeft met het Europese continent en tevens de bankbiljetten een menselijk trekje geeft. De gebruikte afbeelding van Europa is afkomstig van een vaas uit het Louvre.

Waarom nieuwe bankbiljetten?

De ECB en de nationale centrale banken van het Eurosysteem zijn verantwoordelijk voor de integriteit van de eurobankbiljetten. Daarom hebben ze een tweede serie eurobankbiljetten ontwikkeld met verbeterde echtheidskenmerken. Zo blijven de bankbiljetten veilig en houdt het publiek vertrouwen in de euro.

Valsemunters voorblijven

De nieuwe eurobankbiljetten profiteren van de vooruitgang in de bankbiljettechnologie. De nieuwe echtheidskenmerken bieden een betere bescherming tegen vervalsing.

De onderzoeks- en ontwikkelingsstrategie van het Eurosysteem bepaalt dat de eurobankbiljetten 'zelfbeschermend' moeten zijn, d.w.z. dat ze het valsemunters moeilijk moeten maken. Banken, mensen die beroepsmatig met contant geld omgaan en het grote publiek moeten vervalste bankbiljetten kunnen herkennen en zo de strategie van het Eurosysteem ter bestrijding van vervalsing ondersteunen.

Sterk en duurzamer

De nieuwe eurobankbiljetten zijn ook duurzamer dan die van de eerste serie. Dit betekent dat ze minder vaak vervangen moeten worden, wat goedkoper is en minder belastend voor het milieu. Dat is vooral voor de €5- en €10-biljetten van belang, want die wisselen vaker van eigenaar dan de andere coupures.

Bankbiljetten van de eerste serie en van de Europa-serie tegelijkertijd in omloop

De eerste serie eurobankbiljetten wordt nog naast de Europa-serie in omloop gebracht zolang de voorraad strekt. Daarna worden ze geleidelijk uitgefaseerd. De datum waarop de eerste serie eurobankbiljetten niet langer wettig betaalmiddel zal zijn, wordt ruim van tevoren bekendgemaakt. De bankbiljetten van de eerste serie zullen echter altijd hun waarde behouden: ze kunnen voor onbepaalde tijd worden ingewisseld bij de nationale centrale banken van het Eurosysteem.

Voorbereiding van de invoering van de nieuwe bankbiljetten

Om de overgang soepel te laten verlopen, stelt de ECB de nieuwe bankbiljetten ver voordat ze worden ingevoerd ter beschikking aan de betrokken sectoren en werkt ze in het Partnership-Programma nauw samen met alle belanghebbenden.

Uiteindelijk zijn echter de eigenaren en producenten van de bankbiljettenapparatuur verantwoordelijk voor het aanpassen van hun apparatuur aan de nieuwe biljetten.