Europese Unie

Albanië

Land buiten de EU

Oostenrijk

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1995

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Bosnië en Herzegovina

Land buiten de EU

België

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Bulgarije

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2007

Zwitserland

Land buiten de EU

Cyprus

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2008

Tsjechië

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Duitsland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Denemarken

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 1973

Estland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2011

Spanje

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1986

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Finland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1995

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Frankrijk

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Verenigd Koninkrijk

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 1973

Griekenland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1981

Euro sinds 2001 (chartale euro sinds 2002)

Kroatië

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2013

Hongarije

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Ierland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1973

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

IJsland

Land buiten de EU

Italië

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Liechtenstein

Land buiten de EU

Litouwen

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2015

Luxemburg

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Letland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2014

Monaco

Land buiten de EU

Montenegro

Land buiten de EU

Macedonië

Land buiten de EU

Malta

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2008

Nederland

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Medeoprichter van de EU in 1957

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Noorwegen

Land buiten de EU

Polen

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Portugal

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 1986

Euro sinds 1999 (chartale euro sinds 2002)

Roemenië

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 2007

Zweden

EU-lidstaat die de euro niet gebruikt

Lid van de EU sinds 1995

Slovenië

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2007

Slowakije

EU-lidstaat die de euro gebruikt

Lid van de EU sinds 2004

Euro sinds 2009

San Marino

Land buiten de EU

Servië

Land buiten de EU

 

Mijlpalen van de Europese integratie (1950-2014)

The Treaty of Amsterdam, signed in October 1997

Na de Tweede Wereldoorlog waren politici in verschillende landen van Europa ervan overtuigd dat het economisch en politiek verenigen van deze landen de enige manier was om te voorkomen dat nog eens oorlog zou uitbreken in Europa.


1950
De Franse Minister van Buitenlandse Zaken, Robert Schumann, stelt voor om de kolen- en staalindustrieën van West-Europa te integreren.
1951
Zes landen richten de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) op: België, Frankrijk, Italië, Luxemburg, Nederland en West-Duitsland. Na 50 jaar verloopt in 2002, zoals voorzien, het EGKS-Verdrag.
1957
Het Verdrag van Rome wordt ondertekend, waarmee de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) en de Europese Economische Gemeenschap (EEG) worden opgericht. Het doel van de lidstaten is om de handels- en tariefbarrières tussen de landen af te schaffen en een gemeenschappelijke markt te vormen.
1967
De instellingen van de drie Europese Gemeenschappen (de EGKS, de EEG en Euratom) worden samengevoegd. Er worden drie nieuwe instellingen opgericht: de Europese Commissie, de Raad van Ministers en het Europees Parlement.
1970
Na een in 1969 door de Europese Raad (d.w.z. de staatshoofden en regeringsleiders van de lidstaten van de EEG) genomen besluit, wordt in het rapport-Werner de basis gelegd voor een economische en monetaire unie die de toentertijd zes lidstaten van de EEG zou omvatten. Om een aantal redenen mislukt het plan begin jaren zeventig.
1973
Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk treden toe tot de Europese Economische Gemeenschap. De EEG telt nu negen lidstaten.
1979
De regeringen en de centrale banken van de negen lidstaten richten het Europees Monetair Stelsel (EMS) op. Het belangrijkste onderdeel ervan is het wisselkoersmechanisme (ERM), waarmee vaste maar aanpasbare wisselkoersen tussen de valuta’s van de deelnemende landen worden vastgesteld.
1981
Griekenland treedt toe tot de Europese Economische Gemeenschap.
1986
Spanje en Portugal treden toe tot de Europese Economische Gemeenschap.
1986
Het idee van een economische en monetaire unie wordt nieuw leven ingeblazen met de Europese Akte (EA).
1988
De Europese Raad bevestigt de doelstelling van verwezenlijking van de Economische en Monetaire Unie (EMU). Een commissie van deskundigen onder leiding van Jacques Delors, Voorzitter van de Europese Commissie, onderzoekt manieren om de EMU te realiseren. Het rapport (het rapport-Delors) stelt een overgangsproces in drie fasen voor.
1989
De onderhandelingen over het Verdrag betreffende de Europese Unie beginnen. Het Verdrag richt de Europese Unie (EU) op en wijzigt het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap. In het bijzonder bevat het Verdrag bepalingen betreffende de invoering van de EMU en de oprichting van de Europese Centrale Bank. Het verdrag wordt doorgaans het "Verdrag van Maastricht" genoemd.
1992
Het Verdrag van Maastricht wordt ondertekend. Het introduceert nieuwe samenwerkingsvormen tussen de regeringen van lidstaten, bijvoorbeeld op defensiegebied en op terreinen als justitie en binnenlandse zaken. Door het toevoegen van deze intergouvernementele samenwerking aan het bestaande "Gemeenschap"-systeem, creëert het Verdrag van Maastricht de Europese Unie.
1993
Het Verdrag van Maastricht treedt op 1 november in werking na te zijn geratificeerd door alle 12 lidstaten.
1995
Finland, Oostenrijk en Zweden treden toe tot de Europese Unie.
1990-99
De Economische en Monetaire Unie wordt in drie fasen tot stand gebracht.
2002
Invoering van de eurobankbiljetten en euromunten.
2004
Op 1 mei treden Cyprus, Tsjechië, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slowakije en Slovenië toe tot de Europese Unie.
2007
Op 1 januari treden Bulgarije en Roemenië toe tot de Europese Unie.
2009
Op 1 december treedt het Verdrag van Lissabon in werking.
2011
Drie nieuwe financiële toezichthouders beginnen hun werkzaamheden: de Europese Bankautoriteit, de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen en de Europese Autoriteit voor effecten en markten. Zij werken samen met het Europees Comité voor Systeemrisico's, eveneens opgericht in 2011, om de financiële stabiliteit te waarborgen en het toezichtkader van de EU te verbeteren.
2013
Kroatië treedt op 1 juli toe tot de Europese Unie.
2014
De ECB neemt de volledige toezichtstaken en -verantwoordelijkheden op zich voor banken in de lidstaten die deelnemen aan het Gemeenschappelijk Toezichtsmechanisme Website bankentoezicht
Voor nadere gegevens wordt verwezen naar de Website van de Europese Unie.