Menu

INTERVIEW

Interview met NRC Handelsblad

Interview met Isabel Schnabel, Lid van de Directie van de ECB, door Mark Beunderman, op 1 juli 2020

7 July 2020

Bent u tevreden met de oplossing die nu is gevonden in de kwestie rondom de uitspraak van het Duitse Constitutionele Hof?

Ja, ons stelt deze oplossing tevreden, vooral omdat de onafhankelijkheid van de ECB niet is geschaad. Wij hebben ons constructief opgesteld. Wij vallen niet onder de juridische bevoegdheid van het Duitse Hof, maar we wilden de situatie niet laten escaleren.

U zegt dat de onafhankelijkheid van de ECB niet geschaad is. Maar in de notulen van de vergadering van 4 juni staat een lange discussie over de proportionaliteit van de opkopen van obligaties. Was dit niet een reactie op de uitspraak van het Duitse Hof?

We hebben altijd discussies gehouden over de effectiviteit en bijwerkingen van onze maatregelen. Gezien de Duitse rechterlijke uitspraak is het logisch dat er op die vergadering een extra intensieve en gedetailleerde discussie gevoerd is.

Is de spanning tussen Duitsland en de ECB nu gaan liggen? Minder dan een jaar geleden was de sfeer nog heel giftig. Oud-ECB-president Mario Draghi werd in de Duitse pers ‘Draghila’ genoemd.

De euro geniet juist een hoge mate van vertrouwen in Duitsland en het vertrouwen in de ECB is zelfs boven het eurozone-gemiddelde. En sinds de vorige crisis is de algemene houding in Duitsland ten opzichte van de ECB, zoals ik die waarneem, beter geworden. Velen zien en waarderen wat de ECB in de huidige crisis doet. Je kunt dat wellicht ook zien aan hoe de Duitse regering en het parlement met de uitspraak van het Constitutionele Hof zijn omgegaan.

Ziet u verbetering van de relatie tussen de Duitse publieke opinie en de ECB als uw persoonlijke missie?

De communicatie tussen de ECB en het grote publiek is heel belangrijk, zoals benadrukt door president Lagarde. We moeten veel meer doen om burgers te bereiken. Ik heb dat tot deel van mijn missie gemaakt. Maar dit gaat verder dan Duitsland alleen. Ik ben niet ‘de Duitse’ binnen de ECB-directie. Voor zover ik kan zien, hebben veel Nederlanders ook een tamelijk kritische houding over het ECB-beleid en ik wil hen ook bereiken en beter uitleggen wat we doen.

Dat klopt. Veel mensen in Nederland begrijpen niet wat de ECB doet. Een van de pijnpunten is de eindeloos aanhoudende lage rente die de pensioenfondsen raakt. De dekkingsgraden zijn dramatisch, pensioenkortingen dreigen.

Die zorg moeten we heel serieus nemen. De lage rente heeft een sterke impact op pensioenfondsen en ook op spaargeld. Maar het is een misverstand dat de centrale bank in haar eentje de rente kan bepalen. De rente wordt vooral gedreven door economische en maatschappelijke lange termijnontwikkelingen, zoals vergrijzing en lage productiviteitsgroei. Daarom zie je die lage rente niet alleen in Europa, maar ook in de VS en Japan.

Dit blijft nog wel een tijd zo waarschijnlijk. Alle financiële actoren moeten hiermee leren leven. Het Nederlandse pensioenstelsel is zich al aan het aanpassen: van vastgestelde pensioenuitkeringen naar vastgestelde premies. En de structuur van beleggingsportefeuilles verandert.

Maar de centrale bank heeft toch beslissingsruimte? Zij kan de rente verder of minder ver laten zakken, daar zijn ook altijd discussies over binnen het bestuur.

Ja, maar men moet niet vergeten dat ons monetair beleid ook gunstige effecten voor de pensioenfondsen heeft. Onze maatregelen hebben goed uitgepakt voor de economie als geheel en hebben de bedrijfsbalansen versterkt. Dit is gunstig voor de premie-inkomsten van pensioenfondsen.

De ECB-prognoses in juni waren heel somber: in het basisscenario voorziet de ECB dit jaar 8,7 procent economische krimp in de eurozone dit jaar. Kunnen we nog somberder prognoses verwachten?

De laatste weken zagen enkele vertrouwensindicatoren er positief uit, wat suggereert dat de recessie wat milder kan uitvallen dan verwacht. Maar over het geheel genomen zitten we in de buurt van ons basisscenario. Belangrijker is wat er op de middellange termijn gebeurt. Hoe krachtig en snel zal het herstel zijn? Dat hangt sterk af van het politieke antwoord. Een sterk Europees herstelfonds is absoluut cruciaal voor Europa als geheel.

Nederland wil een kleinere omvang van het herstelfonds dan de 750 miljard euro die de Commissie voorstelt. En het wil leningen in plaats van subsidies.

De Nederlandse regering moet wellicht haar positie herzien. Niet alleen uit solidariteit, maar ook uit eigenbelang. Het is heel onwaarschijnlijk dat de Nederlandse economie zal bloeien als grote delen van Europa in zwaar weer blijven zitten. Als het grootste deel van het fonds uit leningen bestaat, ontstaan extra staatsschulden die na de crisis achterblijven. Dat zou dan weer tot nieuwe problemen kunnen leiden.

Bent u bezorgd dat landen als Italië en Spanje, die toch al harder door de pandemie zijn geraakt, ook minder snel herstellen?

Exact. Landen binnen de eurozone kunnen verder uit elkaar gaan groeien.

In maart, voordat de ECB het pandemie-noodopkoopprogramma (PEPP) lanceerde, schoten de spreads de lucht in. Was er angst binnen de ECB voor een nieuwe schuldencrisis in de eurozone?

Zover zou ik niet gaan. De spreads lagen ver onder de niveaus die we hebben gezien in de eurocrisis die z’n piek had in 2011-2012. Maar we hebben van eerdere ervaringen geleerd dat je vroeg in actie moet komen als er een zichzelf versterkende, negatieve spiraal dreigt.

De ECB moest dus de leenkosten van Italië en Spanje gaan drukken?

De eerste doelstelling achter het PEPP is het tegengaan van risico's omtrent de inflatieverwachting op de middellangetermijn, waarop de crisis een drukkend effect heeft.. Het tweede doel is het tegengaan van het risico op fragmentatie binnen de eurozone. In crisistijd kun je een snelle, negatieve dynamiek krijgen: kapitaal vlucht dan van kwetsbare landen naar ‘veilige’ landen als Duitsland. Leenkosten ’ in een land als Italië kunnen dan snel stijgen, niet alleen voor de overheid, maar ook voor burgers en bedrijven. Dat zou een probleem vormen voor de ECB, want wij moeten ervoor zorgen dat ons monetair beleid de hele eurozone bereikt.

We zeggen overigens niet: Italiaanse of Spaanse spreads mogen niet boven een bepaald niveau stijgen. De rentes op staatsleningen verschillen tussen eurolanden, omdat de economische basisfactoren per land verschillen. Dat willen we niet veranderen. Maar als ergens in de eurozone leencondities plotseling erg verslechteren, moeten we dat tegengaan.

Maakt dat de ECB een bijzondere centrale bank? Alle grote centrale banken grijpen nu grootscheeps in om de crisis te lijf te gaan, maar u moet ook nog de euro bij elkaar houden.

Zeker. Wij zitten in een speciale positie. De eurozone is een unie van grotendeels soevereine landen met een gemeenschappelijk monetair beleid. Dat betekent dat wij iets anders moeten opereren dan andere centrale banken.

Speaking engagements

Contactpersonen voor de media