PERSBERICHT

Monetaire-beleidsbeslissingen

31 augustus 2000

Tijdens de vergadering van vandaag heeft de Raad van Bestuur van de ECB de volgende monetaire-beleidsbeslissingen genomen:

  1. De minimale inschrijvingsrente voor de basis-herfinancieringstransacties van het Eurosysteem wordt met 0,25 procentpunt verhoogd naar 4,50%, met ingang van de transactie die zal worden verrekend op 6 september 2000.

  2. De rentevoet voor de marginale beleningsfaciliteit wordt met 0,25 procentpunt verhoogd naar 5,50%, met ingang van 1 september 2000.

  3. De rentevoet voor de depositofaciliteit wordt met 0,25 procentpunt verhoogd naar 3,50%, met ingang van 1 september 2000.

De Raad van Bestuur is van oordeel dat de voorwaarden voor economische groei en de economische vooruitzichten voor het eurogebied veelbelovend zijn. Teneinde deze gunstige omstandigheden te behouden, dient prijsstabiliteit op de middellange termijn te worden gewaarborgd. Daar de huidige omstandigheden hoofdzakelijk worden beïnvloed door de olieprijs- en wisselkoersontwikkeling en niet door het monetaire beleid op de korte termijn kunnen worden verbeterd, is het noodzaak op de middellange termijn de opwaartse druk op de prijzen onder controle te houden. De vandaag genomen monetaire-beleidsbeslissingen ondersteunen de gunstige vooruitzichten voor sterke economische groei in het eurogebied.

Wat betreft de eerste pijler van de monetaire-beleidsstrategie van de ECB, wijzen de meest recente gegevens erop dat de M3-groei naar boven blijft afwijken van de referentiewaarde van 4½%, ofschoon de sinds november 1999 genomen maatregelen geleidelijk doorwerken. Tegelijkertijd duidt de expansie van de kredietverlening aan de particuliere sector, met ongeveer 10%, erop dat huishoudens en ondernemingen de financieringsvoorwaarden in het eurogebied als zeer gunstig beschouwen. In het kader van de krachtige groei van de economische bedrijvigheid zou een voortzetting van de ruime liquiditeitsverhoudingen een risico voor de prijssstabiliteit inhouden.

De ontwikkelingen in sleutelindicatoren samenhangend met de tweede pijler wijzen ook in deze richting. De aanhoudende depreciatie van de wisselkoers van de euro en de hernieuwde olieprijsstijging oefenen in toenemende mate opwaartse druk uit op de importprijzen en de consumptieprijzen. Tegelijkertijd bevestigen recente gegevens dat er voor het eurogebied een periode van sterke groei is aangebroken en dat de vooruitzichten zeer gunstig blijven.

De Raad van Bestuur zal blijven zorgen voor handhaving van prijsstabiliteit in het eurogebied en zal alert zijn op ieder opkomend risico voor prijsstabiliteit. Tegelijkertijd benadrukt de Raad dat gezonde overheidsfinanciën, met name de strikte vervulling van de vereisten van het Pact voor Stabiliteit en Groei, en het voortzetten van structurele maatregelen ter verhoging van de flexibiliteit op de arbeids- en goederenmarkten, de sleutel zullen vormen tot een duurzame stijging van het groeipotentieel van het eurogebied.

Contactpersonen voor de media