PERSBERICHT

Jaarrekening van de Europese Centrale Bank voor het jaar 2008

5 maart 2009

De Raad van Bestuur van de Europese Centrale Bank (ECB) heeft vandaag zijn goedkeuring gehecht aan de door de accountants gecontroleerde Jaarrekening van de ECB voor het jaar 2008.

De ECB realiseerde in 2008 een overschot van €2.661 miljoen, vergeleken met een overschot van €286 miljoen in 2007, dat de effecten van de appreciatie van de euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar en, in mindere mate, de Japanse yen weerspiegelde.

Per 31 december 2008 is, op basis van de beoordeling door de Raad van Bestuur van de risico’s waaraan de ECB blootstaat, uit dit overschot een bedrag van €1.339 miljoen overgedragen naar de voorziening tegen wisselkoers-, rente- en goudprijsrisico’s, hetgeen resulteert in een gerapporteerd netto resultaat van €1.322 miljoen. De voorziening zou worden gebruikt ter dekking van mogelijke verliezen die voortvloeien uit voornoemde risico's, met name waarderingsverliezen die niet worden gedekt door de herwaarderingsrekeningen. De omvang van deze voorziening wordt jaarlijks herzien. Na een besluit daartoe van de Raad van Bestuur, is op 5 januari 2009 uit het netto resultaat voor 2008 een bedrag van €1.206 miljoen, waaronder een deel van de inkomsten van de ECB uit de eurobankbiljetten in omloop, onder de nationale centrale banken verdeeld. De Raad van Bestuur heeft op 5 maart 2009 besloten de resterende €116 miljoen aan de nationale centrale banken uit te keren.

De reguliere inkomsten van de ECB komen voornamelijk voort uit beleggingsbaten op de door haar aangehouden externe reserves en haar volgestorte kapitaal van €4,1 miljard, en uit rentebaten op haar aandeel van 8% in de eurobankbiljetten in omloop. De rentebaten zijn gedurende 2008 in zekere mate beïnvloed door de lagere rente op in Amerikaanse dollar luidende activa.

In totaal heeft de ECB uit alle bronnen netto rentebaten gerealiseerd van €2.381 miljoen, vergeleken met €2.421 miljoen in 2007. Afgezien van de rentebaten van €2.230 miljoen die werden gerealiseerd op haar aandeel in de bankbiljetten in omloop, bedroegen de netto rentebaten €151 miljoen, vergeleken met €417 miljoen in 2007. De ECB heeft aan de nationale centrale banken een rentevergoeding van €1.400 miljoen uitgekeerd op hun vorderingen uit hoofde van de door hen aan de ECB overgedragen externe reserves.

In 2008 bedroeg de post herwaarderingsrekeningen uit ongerealiseerde winsten op activa en passiva €11,4 miljard, vergeleken met €6,2 miljard in 2007. Deze winsten werden, overeenkomstig de gemeenschappelijke grondslagen voor waardering en resultaatbepaling die door de Raad van Bestuur voor het Eurosysteem zijn vastgesteld, verantwoord in de herwaarderingsrekeningen.

De beheerkosten van de ECB ter zake van personeel, huur, honoraria van professionals en overige goederen en diensten bedroegen €364 miljoen (€359 miljoen in 2007). De afschrijvingen op vaste activa bedroegen €23 miljoen.

De Jaarrekening zal, samen met een managementverslag voor het jaar 2008, op 21 april 2009 worden gepubliceerd in het Jaarverslag van de ECB.

Toelichting voor redacties

  1. De door de ECB gehanteerde regels voor de opstelling van de Jaarrekening: de gemeenschappelijke grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn door de Raad van Bestuur vastgelegd voor het Eurosysteem, waaronder de ECB, overeenkomstig artikel 26.4 van de Statuten van het Europees Stelsel van Centrale Banken en van de Europese Centrale Bank (Statuten van het ESCB), en zijn gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie. [1] Hoewel deze in algemene zin gebaseerd zijn op internationaal geaccepteerde financieel-administratieve praktijken, zijn deze grondslagen zo opgesteld dat zij in het bijzonder de unieke omstandigheden van de centrale banken van het Eurosysteem in acht nemen. Zij zijn vooral gericht op het voorzichtigheidsbeginsel, gezien de grote wisselkoersrisico's voor de meeste van deze centrale banken. Deze voorzichtigheidsbenadering komt met name tot uiting in de verschillende behandeling van ongerealiseerde winsten en ongerealiseerde verliezen ten behoeve van de resultaatbepaling, en in het verbod van saldering van ongerealiseerde verliezen op een activum tegen ongerealiseerde winsten op een ander. Ongerealiseerde winsten worden rechtstreeks overgedragen naar herwaarderingsrekeningen, terwijl ongerealiseerde verliezen per de jaarultimo die herwaarderingsrekeningssaldi overschrijden als kosten worden behandeld. Van alle nationale centrale banken wordt vereist dat zij deze grondslagen in acht nemen bij de verslaglegging over hun transacties als onderdeel van het Eurosysteem, die worden opgenomen in het wekelijkse geconsolideerde financiële overzicht (de zogeheten “Weekstaat”) van het Eurosysteem. Alle nationale centrale banken passen bij het opstellen van hun eigen jaarrekening vrijwillig globaal dezelfde grondslagen toe als de ECB.
  2. Rentevergoeding op aan de ECB overgedragen externe reserves: iedere nationale centrale bank verkrijgt bij haar overdracht van externe reserves aan de ECB bij toetreding tot het Eurosysteem een rentedragende vordering op de ECB voor de waarde van het bedrag dat zij daarbij overdraagt. De Raad van Bestuur heeft besloten dat deze vorderingen in euro dienen te luiden en dat de rentevergoeding erover op dagbasis zal plaatsvinden tegen de laatste beschikbare marginale rente voor de basis-herfinancieringstransacties van het Eurosysteem, met een correctie vanwege het rendement van nul op de goudcomponent. In 2008 heeft deze rentevergoeding geresulteerd in rentelasten van €1.400 miljoen.
  3. Verdeling van de inkomsten van de ECB uit de eurobankbiljetten in omloop: de Raad van Bestuur heeft besloten dat deze inkomsten vanaf 2006 aan de nationale centrale banken verschuldigd zijn in het financiële jaar waarin zij worden opgebouwd, maar dat zij zullen worden verdeeld op de tweede werkdag van het daaropvolgende jaar. [2] Deze inkomsten worden in hun geheel verdeeld, tenzij de netto winst van de ECB voor het jaar minder is dan haar inkomsten uit de in omloop zijnde eurobankbiljetten, en afhankelijk van een beslissing van de Raad van Bestuur voor het einde van het boekjaar deze inkomsten geheel of gedeeltelijk naar een voorziening tegen wisselkoers-, rente- en goudprijsrisico’s over te dragen. Dit laatste was in 2008 het geval ten gevolge van de beslissing door de Raad van Bestuur circa €1,0 miljard van de inkomsten van de ECB uit de eurobankbiljetten in omloop naar deze voorziening over te dragen. Dientengevolge werden de resterende inkomsten uit de eurobankbiljetten van €1,2 miljard op 5 januari 2009 onder de nationale centrale banken verdeeld.


[1] Besluit ECB/2002/11 van 5 december 2002 betreffende de jaarrekening van de Europese Centrale Bank, PB L 58 van 3.3.2003, blz. 38, zoals gewijzigd. Dit besluit is met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken en vervangen door Besluit ECB/2006/17, PB L 348 van 11.12.2006, blz. 38, zoals gewijzigd.

[2] Besluit ECB/2005/11 van 17 november 2005 inzake de verdeling van de inkomsten van de Europese Centrale Bank uit in omloop zijnde eurobankbiljetten onder de nationale centrale banken van de deelnemende lidstaten, PB L 311 van 26.11.2005, blz. 41.

Publications

Contactpersonen voor de media